Stappenmethode

JSC De Pionier geeft ieder lid schaakles met gebruikmaking van de zogenoemde stappenmethode.  Deze methode is de officiële leermethode van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond (KNSB).   De methode bestaat uit 6 stappen. Voor de zeer jeugdige schakers die nog niet kunnen lezen bieden wij ook opstapje 1 en opstapje 2 aan.

Bij alle stappen zijn de volgende onderdelen erg belangrijk:

  • een les uit de handleiding
  • het oefenen met het werkboek
  • veel spelen
  • het bespreken / analyseren van de gespeelde partijen.

Bij iedere stap ontvang je een werkboek. In dit werkboek staan opgaven en toetsen die bij de betreffende stap horen. Voor de stappen 1 tot en met 5 geldt dat naast het reguliere werkboek ook nog een werkboek plus en een werkboek extra beschikbaar is. Het werkboek plus behandelt andere onderwerpen die tot doel hebben iemand tot een bredere schaker op te leiden. De werkboeken extra behandelen dezelfde onderwerpen als de reguliere werkboeken, maar oefenen met name met vollere stellingen, zoals dat vaak ook in een echte schaakpartij aan de orde komt.

De examens worden regulier afgenomen in juni/juli.

Beschrijving stap 1

In de 1e stap worden alle spelregels van het schaken behandeld. Veel aandacht is er daarnaast voor de basisvaardigheden die nodig zijn om het spel te spelen. Het aanleren van mat wordt, grappig genoeg, zolang mogelijk uitgesteld.

Beschrijving stap 2

In de 2e stap begint het “grotere” werk. Na de spelregels en de basisvaardigheden van de vorige stap staan nu de eerste beginselen van tactiek en positiespel op het programma. We leren aanvalstechnieken aan om op slimme wijze materiaal buit te maken. Positiespel is voorlopig nog minder belangrijk dan tactiek.

Beschrijving stap 3

Voor de 3e stap is kennis van de 2e stap absoluut noodzakelijk, maar verder is de 3e stap niet echt moeilijker. De tactiekonderwerpen zijn relatief gemakkelijk en ook de lessen over de verdediging tegen tactiek zullen geen problemen opleveren. Alleen het insluiten is lastig. Het is te vergelijken met mat zetten, alleen is nu niet de koning maar een ander stuk de klos. Verder is er aandacht voor de eerste pionneneindspelen. In deze stap beginnen we met het aanleren van ondersteunende vaardigheden. Een daarvan is het “vooruitdenken”.

Beschrijving stap 4

De moeilijkheidsgraad van de stof in de 4e stap ligt hoger dan die van de 3e stap. Dat is voornamelijk het gevolg van het toenemen van het aantal zetten van de oplossingen van de opgaven. De tactiek staat voor een groot deel in het teken van de voorbereidende zet. Een directe aanval werkt nog niet en een voorbereidende actie is nodig. Alle bestaande voorbereidingen komen aan bod: lokken, uitschakelen verdediging, jagen, richten en ruimen. Langzamerhand spelen ook positionele aspecten meer en meer een (bescheiden) rol in de partijen.

Beschrijving stap 5

Stap 5 is voor groepstraining de laatste in de reeks. De tactiek krijgt wat minder aandacht, maar het positiespel wordt steeds belangrijker. De lessen over pionstructuur, zevende rij, sterk veld en open lijn bevatten veel strategische zaken. Planmatig spel is belangrijk bij het schaken en het is een onderdeel van enkele van je lessen over het eindspel. Die laten je zien hoe belangrijk samenwerking van stukken is en hoe relatief de puntentelling van schaakstukken kan zijn. De les “Verdedigen” besteedt aandacht aan aspecten die bij vrijwel iedereen te weinig gebruikt worden.

Beschrijving stap 6

Stap 6 is geen groepstraining meer, maar is een zelfstudieboek voor iedereen. De moeilijkheidsgraad van de stof ligt weer een stapje hoger. De oplossingen van de opgaven zijn weer een zet dieper. Er is veel aandacht voor strategie. Dat blijkt en blijft een lastig onderwerp voor iedereen, zeker de opgaven in het werkboek. Ook het eindspel komt in vele hoofdstukken terug. Studie ervan is een goede manier om de speelsterkte te verhogen. Slechts in één hoofdstuk komt de tactiek aan bod.

Stock Photo by Sean Lockewww.digitalplanetdesign.com